De verloskundige
Het Nederlands verloskundig systeemHet Nederlandse verloskundig systeem is heel anders dan in de meeste andere westerse landen.
Daar ziet men zwangerschap en bevalling namelijk veel minder als natuurlijke processen en veel meer als mogelijke bedreigingen voor moeder en kind.
Zwangere vrouwen worden in deze landen begeleid door gynaecologen.
Verloskundigen werken er bijna altijd in een ziekenhuis, onder supervisie van een gynaecoloog.
Zwangerschap en geboorte: een ziekte of een normaal proces?In Nederland worden zwangerschap en geboorte gezien als normale processen, die begeleid kunnen worden in de eerste lijn: door verloskundigen en verloskundig actieve huisartsen.
Er is een actieve samenwerking tussen gynaecologen en verloskundigen, zodat bij complicaties specialistische zorg in het ziekenhuis kan worden geboden.
Specialisten in ziekenhuizen zijn voortdurend bedacht op mogelijke complicaties.
Zij zien hun cliënten in de eerste plaats als patiënten.
De ervaring leert dat dit vaak betekent dat er in het ziekenhuis eerder wordt ingegrepen in het natuurlijke proces van zwangerschap en bevalling.
Zo worden er in landen waar bevallingen in het ziekenhuis plaatsvinden, meer bevallingen ingeleid dan in Nederland.
Ook neemt het aantal kunstverlossingen (vacuümextracties en tangverlossingen) er sneller toe.
Dit soort ingrepen leveren extra belasting op voor moeder en kind.
Verloskundigen zijn erin getraind om zwangerschap en bevalling niet onnodig in de medische sfeer terecht te laten komen. Dat geldt ook voor klinisch verloskundigen.
Zij benaderen een vrouw die wordt doorgestuurd vanwege een complicatie (bijvoorbeeld meconiumhoudend vruchtwater) niet als een zieke; voor zover mogelijk beschouwen ze haar en haar zwangerschap als normaal.
En terecht: het verloop van haar bevalling is niet principieel anders, er is alleen meer controle nodig.
De voordelen van het Nederlandse systeemHet Nederlandse systeem kent een aantal voordelen:
Als er geen risico’s zijn, kunnen vrouwen zelf kiezen waar ze willen bevallen: thuis of in het ziekenhuis
Zwangerschap en bevalling worden zoveel mogelijk benaderd als normale gebeurtenissen
De duurdere tweedelijnszorg wordt alleen gebruikt als dat nodig is
Zelf kiezen waar te bevallenIn Nederland kan een vrouw op verschillende plaatsen bevallen:
Thuis of in een kraamhotel; dit kan als het om een normale bevalling gaat
Poliklinisch in het ziekenhuis (direct na de bevalling weer naar huis)
Intern in het ziekenhuis (de vrouw blijft op medische indicatie meer dan 24 uur in het ziekenhuis)
Een poliklinische bevalling wordt normaal gesproken begeleid door een eerstelijns verloskundige.
Verloskundigen in de eerste lijnEen eerstelijns verloskundige begeleidt zwangere vrouwen zolang alles normaal verloopt. Zij heeft een eigen praktijk of werkt in een praktijk. Wanneer blijkt dat een zwangerschap of baring niet helemaal normaal verloopt, maakt de verloskundige een inschatting van de aard en ernst van de complicaties. Dit wordt risicoselectie genoemd. Ze kijkt of er specialistische zorg nodig is en verwijst de vrouw dan door naar het ziekenhuis.
Verloskundigen in de tweede lijnVerloskundigen die in het ziekenhuis werken, worden klinisch verloskundigen genoemd. Zij werken in de verloskamer, de polikliniek, de zwangerenafdeling of de kraamafdeling. Daar begeleiden ze zwangerschappen en bevallingen met een verhoogd risico. Ze werken zelfstandig onder verantwoordelijkheid of in samenspraak met de gynaecoloog.
Verloskundigen in de derde lijnDe verloskunde kent ook nog een derde lijn: de zeer specialistische zorg die geboden wordt in academische ziekenhuizen, zoals specialistische echo’s en de opvang van zeer vroeggeborenen of zwangeren met een hoog risico indicatie.
Bron:
http://www.knov.nl——————————————————————————————————-
Controles bij de verloskundigeWanneer ga je naar de verloskundige?
- 8 t/m 24wk om de 4 weken
- 25 t/m 30wk om de 3 weken
- 31 t/m 36wk om de 2 weken
- 37 t/m 42wk iedere week
Soms kan bovenstaande afwijken ivm extra zorg en controles.
Bij de controle worden onder andere gekeken naar: - Gewicht
- Bloeddruk
- Bloed (eerste controle)
- Urine
- Baarmoeder
- Hartje
Echter word niet altijd de urine gecheckt.
Gewicht en bloeddrukEen flinke toename in gewicht kan betekenen dat je te veel vocht vasthoudt.
Je krijgt dan een zoutarm dieet voorgeschreven, zodat de aanvoer van voedingsstoffen en afvoer van afvalstoffen beter verloopt.
Blijven er te veel afvalstoffen in het lichaam achter, dan kan dit een zwangerschapsvergiftiging als gevolg zijn.
Die symtomen zijn als volgt:
- Je bloeddruk stijgt
- Vochtophoping in handen/voeten
- Flinke toename van het gewicht
- Eiwit in de urine
Is er een acute stijging van je bloedruk, dan word je meestal doorverwezen naar een gynaecoloog.BloedonderzoekNaast het vaststellen van de bloedgroep van moeder en kind is bloedonderzoek van belang voor het opsporen van ziektes.
Ben je draagster van een bepaalde ziekte, dan wordt in onderling overleg vastgesteld wat de beste maatregelen zijn.
Verder maakt een bloedprik in je vinger, veel duidelijk.
Is er te weinig ijzer in je bloed (HB gehalte), dan spreken we van bloedarmoede.
Je zal dan ijzertabletjes krijgen.
UrineJe urine wordt onder meer onderzocht op suiker en eiwitten.
Eiwit kan bijvoorbeeld duiden op een blaasontsteking of op een zwangerschapsvergiftiging.
Suiker in je urine kan betekenen dat je suiker hebt.
Als het geen erfelijke vorm is, verdwijnt deze suikerziekte meestal na je zwangerschap.
BaarmoederstandAan de hoogte en de grootte van de baarmoeder kan de arts of verloskundige de zwangerschapsduur vaststellen.
Ook een groeiachterstand word zo opgemerkt.
HarttonenBij elke controle zul je het hartje van je baby kunnen horen, door de doptone.
Rond de 14 weken is dat vaak wel mogelijk.
Echoscopie Met een echo kunnen ze onder andere zien waar de placenta zich bevind, maar ook de groei van de baby.
Het hoofd, het dijbeenbotje, en het buikje wordt gemeten, om zo een beter beeld te krijgen.
BevallenVanaf 37 weken tot en met 42 weken mag je onder begeleiding van de verloskundige bevallen.
Ga je ver overtijd (42+) dan word je meestal overgedragen naar de gynaecoloog en zal de bevalling in het ziekenhuis plaats vinden, dmv een inleiding.